personeelsbladen

Ervaringen in de bedrijfshulpverlening

verschenen in: personeelsblad van RIVM

Caroline Dijksma, managementsassistent bij CBO;
12 jaar bij de EHBO, waarvan 10 bij de Snel Inzetbare Groep (SIG)
“Een collega van me zat destijds bij de EHBO. Ik heb dat altijd heel nuttig gevonden. Nadat ik mijn EHBO-diploma had gehaald was mij gevraagd ook bij de snel inzetbare groep te komen. Dat leek me wel wat, maar ik wist niet hoe ik zou reageren bij een ernstige situatie. Daarom heb ik eerst een jaar op de EHBO-post van de kunstijsbaan gewerkt. Daar gebeurt iedere week wel iets. En ik merkte dat ik het aankon. Toen ben ik ook hier bij de SIG gegaan. De SIG is er voor noodsituaties, zoals ernstige bloedingen en acute hartproblemen. Er is altijd een groep van vier SIG-mensen die dienst heeft. Je draagt dan continu een pieper bij je en bij toerbeurt heeft één van ons een defibrillator, voor reanimatie bij een hartstilstand. Daarmee mag je natuurlijk niet het terrein af, dus dat belemmert je wel in je vrijheid. Maar verder ben ik er niet veel mee bezig. Soms gebeurt er maanden niets, dan ineens zijn er drie meldingen achter elkaar. Een ongeluk komt kennelijk zelden alleen. Maar niet alle meldingen betekenen een ernstige situatie. We krijgen wel eens de melding dat iemand onwel is geworden. Dan ren je er meteen naar toe, terwijl het ‘slachtoffer’ alleen hoofdpijn blijkt te hebben. Maar soms is het echt ernstig. Bij iedere melding voel je wel de adrenaline. Je weet nooit precies wat je aantreft.”

Hans Klaassen, grafisch vormgever bij de Studio;
18 jaar bij de bedrijfsbrandweer

“Ik ben altijd in hulpverlening geïnteresseerd geweest en de brandweer leek me leuk. Na mijn opleiding had ik echt de smaak te pakken en ben ik ook bij de gemeentebrandweer gegaan. Ze zeggen wel eens dat je door het brandweervirus besmet wordt. Je ziet het hier ook wel van vader op zoon overgaan. Er zijn nu ongeveer vijfentwintig mensen bij de bedrijfsbrandweer. We oefenen altijd op donderdagmiddag. En om de drie weken draai je één week met zes mensen piketdienst. We zitten met zes mensen op een brandweerauto, waarbij iedereen een vaste taak heeft: chauffeur, bevelvoerder, aanvalsploeg of waterploeg. Bij de gemeentebrandweer doe je wel de meeste ervaring op, ook wat gevarieerdheid van inzetten betreft. Maar hier hebben we weer heel specifieke oefeningen en situaties vanwege de vele laboratoria. Zo moesten we onlangs zoutzuur opruimen. Maar verder hoeven we gelukkig weinig in actie te komen. Vroeger was er vaak loos alarm. Dat kwam door de vele brandmeldsystemen op het terrein, die men bij werkzaamheden wel eens vergat uit te zetten. Nu is daarop betere controle en is het een stuk rustiger geworden. De meeste echte branden op het terrein heb ik met de gemeentebrandweer geblust. Toch blijft de bedrijfsbrandweer nodig, want door een snelle inzet bij brand kan de schade beperkt blijven en het productieproces, bijvoorbeeld bij het NVI, doorgaan. Een paar jaar geleden zijn we bijna opgeheven, maar dat ging gelukkig niet door. Sterker nog: er zijn nieuwe mensen bijgekomen en we hebben een nieuwe wagen gekregen. En ook rode fietsen, om sneller bij de kazerne te kunnen zijn.”

Henk van Gendt, groepsleider Frontoffice FB;
15 jaar bij de EHBO
“Als je met groepen mensen werkt, moet je iets van EHBO weten, vind ik. Ik geef judoles aan kinderen, dus begon ik privé met EHBO-lessen. Ook hier heb ik me er toen voor ingeschreven. Alle EHBO-ers staan in het interne telefoonboek, dus we kunnen rechtstreeks gebeld worden. In de praktijk komt het neer op af en toe een pleister plakken. Je EHBO-koffer hangt aan de wand, maar verder ben ik er nauwelijks mee bezig. Als je wordt gebeld, ga je met je koffertje, maar de kans is natuurlijk groot dat je toevallig bij een ongeluk bent en niets bij je hebt. Dan moet je improviseren. En vooral ook weten wat je niet moet doen als iemand iets overkomt. Wachten op de ambulance, een slachtoffer laten liggen… Onderweg heb ik wèl eens een ernstig ongeval meegemaakt. Echt een heel grote klap. Daar kon ik toen wel iets doen, maar er is wel iemand onder mijn vingers overleden. Dat heeft een grote impact gehad, want ik zocht de schuld bij mezelf. Bovendien werd ik van hulpverlener ineens toeschouwer toen de professionals het van me overnamen. Dat was een heel vreemde ervaring. Ik heb hulp nodig gehad om dat allemaal te verwerken. Gelukkig heb ik hier geen ernstige ongevallen meegemaakt. Dat is denk ik wel een goed teken. Kennelijk hanteren we goede veiligheidsregels. Natuurlijk oefenen we wel met de EHBO-groep, twee keer per jaar. Dat is met geschminkte slachtoffers die daar in getraind zijn en dat heel realistisch kunnen spelen. Het lijkt erg op de praktijk, ook hoe omstanders kunnen reageren. Ik vind het nog steeds leuk en blijf bij de EHBO. Want morgen kun je ineens hard nodig zijn.”

mijn foto’s

contact

Kees Vermeer
journalist / tekstschrijver
M 06-16708129
e

©2008-2018 Kees Vermeer [colofon]